Wat drijft iemand om te werken met mensen die vaak het gevoel hebben dat hun wereld is ingestort? Iris Hoeijmakers, zelfstandig ondernemer in de Wmo/Wlz en letselschade, geeft ons een inkijkje in haar werk én haar leven. Haar verhaal is er een van doorzettingsvermogen, creativiteit en altijd kijken naar wat er nog wél kan.
Hoe ben je in Wmo/Wlz en letselschade gerold?
‘Voor mij was het eigenlijk een logische volgende stap,’ zegt Iris. ‘Ik ben opgeleid als ergotherapeut en heb jarenlang gewerkt in de letselschade, als onafhankelijk adviseur. In die rol bevond ik me vaak tussen de cliënt en partijen als verzekeraars en advocaten. Maar ik merkte dat er bij werkgerelateerde kwesties al snel werd doorverwezen naar een arbeidsdeskundige. Toen dacht ik: waarom zou ik die rol er niet bij nemen? Zo houd ik het hele proces in één hand en kan ik veel breder naar een situatie kijken.’
Wat maakt je werk zo bijzonder?
Bij deze vraag licht het gezicht van Iris direct op. ‘Voor mij draait alles om het terugbrengen van perspectief. Ik werk veel met mensen die te maken hebben met ernstig letsel, zoals een dwarslaesie of niet-aangeboren hersenletsel. Hun leven is vaak van het ene op het andere moment compleet veranderd. Het geeft me enorm veel voldoening om dan te kijken naar wat er nog wél kan. Dat kan variëren van aanpassingen op het werk tot het vinden van een totaal nieuwe invulling van het leven.’
Kun je een voorbeeld uit de praktijk noemen?
Een van de verhalen die haar duidelijk bijblijven, is dat van een jonge man van 25, die hersenletsel opliep. ‘Hij studeert luchtvaarttechniek aan de TU Delft. De verwachting was dat hij zijn oude niveau nooit meer zou halen. Maar hij gaf niet op. Samen hebben we gekeken hoe hij zijn studie op een haalbare manier kon voortzetten. Het kost hem enorm veel moeite, maar hij is weer begonnen. Misschien komt hij niet bij NASA terecht, maar hij kan straks wél als manager aan de slag in de luchtvaartsector. Het draait om durven dromen én praktisch uitzoeken hoe je die dromen binnen je nieuwe realiteit waar kunt maken.’
Een ander verhaal dat bij Iris diepe indruk maakte, is dat van een man die een dwarslaesie opliep. ‘Hij was betrokken bij een frontale botsing met een spookrijder. Zijn zoon overleefde het ongeluk niet. Hij bleef achter in een rolstoel. Onvoorstelbaar ingrijpend. En toch wilde hij maar één ding: terugkeren naar zijn baan als conciërge op de school waar hij altijd werkte. We hebben die school samen toegankelijk gemaakt. Maar hij stopte daar niet. Nu zet hij zijn verhaal in om anderen te inspireren, onder andere bij de brandweer. Hij gebruikt zijn ervaring om mensen bewust te maken. Dat raakt me nog steeds.’
Hoe houd je de balans tussen professionaliteit en menselijkheid in zo’n intens werkveld?
Ze denkt even na. ‘Ik ben onafhankelijk adviseur. Dat betekent dat ik eerlijk moet zijn, ook als mijn advies soms moeilijk te horen is. Maar ik ben ook een mensenmens. Ik kijk altijd naar wat haalbaar is voor iemand, zonder valse beloftes. Als het spannend wordt, zeg ik weleens: ‘Kom, we doen dit samen.’ Dat alleen al kan iemand over de streep trekken. Kleine dingen maken soms een wereld van verschil.’
Hoe houd je het zelf vol, al die heftige verhalen?
‘Die vraag krijg ik vaker,’ zegt Iris. ‘Natuurlijk is het emotioneel zwaar. Ik zie veel verdriet en pijn. Maar het geeft me zoveel energie als ik zie dat mensen weer grip krijgen op hun leven. Dat is waar ik het voor doe. En ja, soms moet je ook even relativeren. Een goede dosis humor helpt. En weten wanneer je even afstand moet nemen, dat is ook belangrijk.’
Een goede dosis humor helpt. En weten wanneer je even afstand moet nemen, dat is ook belangrijk.
Iris benadrukt dat geen enkele casus hetzelfde is. ‘Sommige situaties vragen om creativiteit en out-of-the-box denken. Zoals bij die jonge onderwaterlasser die door een ongeluk zijn beroep niet meer kan uitoefenen. Hij is begin dertig. Dan moet je opnieuw gaan ontdekken: wat geeft je energie? Wat zijn je opties? Soms betekent dat een nieuw beroep leren, een heel nieuwe koers. Dat kan eng zijn, maar het zit ook vol kansen.’
Wat zou je graag veranderen in jouw vakgebied?
‘Ik zou willen dat we meer aandacht besteden aan preventie. Mensen denken vaak niet na over wat ze moeten doen als het misgaat. Een plan B. Vooral bij fysiek zware beroepen of banen met veel mentale druk. Werkgevers kunnen daar een grotere rol in spelen. Begin dat gesprek op tijd: wat zijn je toekomstplannen? Hoe zorg je dat je je werk volhoudt tot je pensioen? Een goed toekomstplan kan een hoop ellende voorkomen.’
Wat geeft jou in dit werk het meeste voldoening?
‘Het is mijn passie. Ik kan me geen mooier vak voorstellen. Elke keer weer ontdekken wat er mogelijk is voor iemand, zelfs in de meest complexe situaties. En het mooie is: de meeste mensen willen zélf ook vooruit. Ze willen werken, een doel hebben, structuur in hun leven. Dat maakt het zo dankbaar. Het is niet alleen een baan voor mij; het is echt wie ik ben. Mensen helpen, kijken naar wat wél kan. Daar kom ik mijn bed voor uit.’
De kracht van een persoonlijke aanpak
Iris’ verhaal is er een van hoop, doorzettingsvermogen en geloof in de kracht van mensen. Haar werk laat zien hoe belangrijk het is om verder te kijken dan beperkingen en juist kansen te zoeken. Want zoals Iris zelf zegt: ‘De meeste mensen deugen. En als je ze het vertrouwen en de juiste ondersteuning geeft, kunnen ze vaak veel meer dan ze ooit voor mogelijk hielden.’
Wil je weten hoe een arbeidsdeskundige jouw organisatie verder helpt?
Download dan Arbeidsdeskundigen Magazine nr. 1 via het formulier hieronder!
NVvA20 berichten
http://arbeidsdeskundigen.nlDe NVvA richt zich als beroepsvereniging op de professionalisering en profilering van arbeidsdeskundigen. De vereniging zorgt voor de ontwikkeling van het beroep en geeft kaders voor bewaking van normen en waarden bij de beroepsuitoefening.