Twintig jaar geleden verloor Wendy Kwaks haar hart aan Defensie, met 55.000 medewerkers een van de grootste overheidsinstanties van ons land. Vandaag de dag richt ze zich vooral op de vraag hoe de organisatie toekomstbestendig(er) kan. Geen gemakkelijke opgave voor zo’n omvangrijke instantie, die bovendien al jaren met een personeelstekort kampt (zie kader). Maar Kwaks ziet de toekomst positief in, blijkt tijdens een telefonisch interview met HRcommunity.
Sinds 2019 werk je als programmamanager Transitie. Om wat voor transities gaat het?
’’Het gaat om een geheel van samenhangende veranderingen, deels herstelwerkzaamheden. Jarenlang heeft Defensie veel krimp gekend: we moesten met steeds minder mensen en beperkte middelen hoge prestaties leveren. De organisatie raakte uitgehold. Nu gaan we het tij te keren. Daarnaast moeten we ons voortdurend aanpassen aan nieuwe ontwikkelingen: veiligheid gaat allang niet meer alleen maar over fysieke oorlogsvoering, het gaat bijvoorbeeld ook over bescherming tegen cyberaanvallen en paraatheid bij klimaatrampen.’
Hoe zorg je Defensie dat de organisatie toekomstbestendig is?
’’Door op allerlei vlakken de nodige stappen te zetten, zoals op HR, technologie, data science, verduurzaming en vastgoed worden wij toekomstbestendig. Vanuit mijn Transitieteam zorgen we er onder meer voor dat Defensie de deuren actiever openzet voor samenwerking met andere overheidsinstanties en bedrijven. Wij hoeven als organisatie niet alle kennis en vaardigheden zelf in huis te hebben, maar kunnen samen met andere partijen initiatieven opstarten.
Zo hebben we een HR-ecosysteem bedacht waarin we met bedrijven en organisaties kennis uitwisselen en mensen delen. Al 65 partners doen mee. Dit HR-ecosysteem is vernieuwend op de arbeidsmarkt, doordat we tegen kostprijs mensen uitwisselen en elkaars problemen opvangen. We moesten hiervoor best wat grenzen opzoeken en wat obstakels overwinnen, maar nu is het ecosysteem niet meer weg te denken voor de flexibele schil rond de krijgsmacht. Op 5 april houden we een netwerkdag met als thema Emerging tech & People development. Daar ontmoeten HR-directeuren en inhoudelijke vakmensen elkaar om te bespreken hoe we als Nederland stappen kunnen maken op het gebied van cyber, data en robotica. We verwachten hiermee een nieuwe impuls aan de samenwerking te geven.
En dan nog een totaal ander voorbeeld van de partnerschappen die we bedenken: we werken samen met de gemeentes Amersfoort, Leusden en Soest om energiezuiniger te werken. Wij hebben in de regio militaire terreinen met veel achterstallig onderhoud, terwijl deze gemeentes ruimte zochten voor de bouw van windmolens. Toen hebben we afgesproken dat we onze terreinen openstellen voor de windmolens en in ruil daarvoor een deel van de groene energie kunnen gebruiken voor het opknappen en functioneren van onze kazernes.’
Is het lastig om zulke samenwerking van de grond te krijgen?
’’Het blijkt soms makkelijker gezegd dan gedaan. Zo is er binnen Defensie een sterke overtuiging dat de organisatie volledig zelfvoorzienend moet zijn. Militairen moeten the last man standing kunnen zijn: als verder alles plat ligt, is Defensie er om burgers veilig te houden. Niet iedereen vindt dat samenwerking met externe partijen met die overtuiging te verzoenen valt. Ik begrijp dat standpunt, maar ik denk ook dat het voor sommige kwesties, zoals de energietransitie of technologische vernieuwing, noodzakelijk is dat we samenwerken, al is het maar omdat we zelf onvoldoende kennis en vaardigheden hebben om zulke veranderingen goed op gang te brengen. Daarnaast kunnen zulke projecten als met Amersfoort, Leusden en Soest bijdragen aan de zichtbaarheid van de organisatie en een positieve invloed hebben op de steun voor Defensie in de samenleving.’