Those who cannot change their minds cannot change anything (Bernard Shaw)

Hiervoor is vooral perspectief- en gedragsverandering nodig. De Amerikaanse gedragswetenschapper Brian Jeffrey Fogg ontwikkelt in 2009 een model waarmee we gestructureerd naar gedragsverandering kunnen kijken. Het Fogg Behavior Model stelt dat gedrag (Behavior) het product is van drie factoren: Motivatie (Motivation), Bekwaamheid (Ability) en een Prompt (Trigger), oftewel B=MAP. De Prompt (call to action, aanleiding) is noodzakelijk om het gedrag ook echt te laten gebeuren. De aanleiding voor gedragsverandering is er (verduurzaming van onze welvaart, een volgende pandemie voorkomen, ongelijkheid en macht van techbedrijven aanpakken etc.), en steeds meer mensen zijn ook gemotiveerd, maar onvoldoende in staat om te veranderen (willing but unable).

Hulp van professionals biedt dan uitkomst. Met betrekking tot motivatie zijn er volgens Fogg drie basisdrijfveren, welke je kunt afkorten tot BAS. De eerste is erbij willen horen (belonging) die varieert tussen acceptatie (social acceptance) en afwijzing (social rejection). De tweede is verwachting (anticipation) die varieert tussen hoop en wanhoop. De derde is gevoel (sensation) die varieert tussen de twee basisbewegingen die Maslow ook beschrijft: ‘back into safety or forwards into growth’. Naast motivatie is bekwaamheid nodig. Bekwaamheid gaat over de mate waarin iemand is staat is om bewust te zijn dat gedragsverandering nodig is (wat is IST?), de gewenste of noodzakelijk gedragsverandering te begrijpen (wat is SOLL?) en vervolgens deze verandering ook daadwerkelijk uit te voeren (van IST naar SOLL, de transformatie). Er zijn volgens Fogg drie manieren om bekwaamheid te verhogen: training, het proces vergemakkelijken (bijvoorbeeld door simulaties, stappenplannen of demonstraties) en het gewenste gedrag anders (kleiner, overzichtelijker) te maken. Deze inzichten worden ook toegepast in de Weconomics boeken, het leerwerkprogramma en het transformatieprogramma APOLLO (Advanced Program on Learning and Leading Others).

Alleen een boek schrijven over een technologie of organisatieconcept, zoals de digitale lopende band, is onvoldoende. In mijn visie moet een technologie, wil deze maatschappelijk relevant worden en blijven, vergezeld gaan met een nieuwe ideologie en een nieuwe manier van organiseren. Ik verwijs daarvoor ook regelmatig naar de opkomst en het succes van de fysieke lopende band. Niet de technologie van de fysieke lopende band verklaart het succes van Henry Ford, maar het streven naar massaproductie in combinatie met massaconsumptie. Dat was ruim een eeuw geleden de maatschappelijke context die de technologie nodig had om zich zo succesvol te ontwikkelen.


Beluister de bijbehorende podcast


Door verspilling weg te nemen, door efficiënter te werken creëren we sinds de fysieke lopende band steeds meer welvaart. Uiteindelijk is dit, zeker de laatste decennia, verworden tot een systeem dat redundant werk en redundante welvaart creëert, tegen toenemende ongelijkheid, schulden, kans op pandemieën, klimaatverandering en belasting van onze natuurlijke omgeving. We hebben nu dus een andere maatschappelijke context dan ruim honderd jaar geleden. Maar de fundamentele behoefte aan verandering is wel vergelijkbaar. Het is nu tijd voor een nieuwe richting: de organisatie van een brede en duurzame welvaart. Niet méér, maar beter. Om dit te realiseren focussen we ons binnen Weconomics en binnen deze longreads op de inzet van data, moderne organisatiekunde en datatechnologie. Weconomics werkt daarbij samen met onderwijs- en onderzoeksinstellingen, bedrijfsleven, overheid en maatschappij. Zo bouwen we samen een nieuw systeem waarin de organisatie van data, organisatietechnologie, digitale transformatie en digitaal leiderschap pas echt tot hun recht komen.

Eén van de dertien kernverbindingen van het door Weconomics ontwikkelde Community Model Canvas is de duiding en beoordeling van het ‘oude paradigma’, de pijlers van het oude systeem. Je kunt het Weconomics gedachtegoed lezen als een aanval op de bestaande orde, maar zo is het niet bedoeld. Ook deze longreads zijn niet bedoeld als aanval, maar om bewustzijn te creëren. Soms zet ik scherp in op de beoordeling van de manier waarop we de afgelopen decennia informatie, vertrouwen, werk en welvaart hebben georganiseerd. Maar de scherpte is vooral bedoeld om te prikkelen, als wake-up call en niet als veroordeling van degene die anders denken of doen. Ik probeer een ontstane situatie altijd in historische perspectief te zien en ga terug naar de oorsprong en de vraag waarom is er iets in plaats van niets. Bij het ontwerp van een nieuw organisatiemodel ga ik niet uit van de bestaande complexiteit, maar van de eenvoudige nieuwe wereld. Een wereld die patronen volgt en uitgaat van de kleinste verbindingen en de relaties daartussen, waarbij het aantal relaties complexiteit tot gevolg heeft, maar dat wil niet zeggen dat de wereld complex is.

Ik heb met mijn werk niet de ambitie om de toekomst te voorspellen, een hype te ontketenen, een nieuw managementconcept te etaleren of een nieuwe ideologie wetenschappelijk te onderbouwen. Het is eerder bedoeld om nieuwe denkrichtingen te bieden voor het de-organiseren van de bestaande wereld en het nieuw organiseren van onze sociaaleconomische orde. Ik schrijf vanuit de wetenschap dat beter de vijand is van goed. Geschreven vanuit de overtuiging dat het beter moet, maar ook kan. We hebben de kennis en ervaring om onze welvaart te verduurzamen. Wat overblijft is bewustzijn en de wil om ons aan te passen. Daarbij speelt ook mijn onvrede met de huidige gang van zaken een belangrijke rol. Onvrede over de onwetendheid, stroperigheid, egoïstisch korte termijn handelen, manier van denken en steeds vaker onvrede met koppigheid waarmee maatschappelijke problemen worden gecreëerd, gefabuleerd en opgelost. De recente ontwikkelingen rond de toeslagenaffaire en bijvoorbeeld het datalek bij de GGD zijn daar voorbeelden van.

De coronacrisis wereldwijd (gebrek aan betrouwbare data), de maatschappelijke onrust in de VS (fakenews en desinformatie) en de toeslagenaffaire in Nederland (bureaucratie, complexiteit en niet transparante algoritmes) hebben niet alleen aan de oppervlakte gebracht wat onder water al langer niet goed zat, maar ook één ding gemeen: de gebrekkige organisatie van vraag en aanbod van data. Onze samenleving is nog niet ideaal, we hebben nog veel werk te doen. Weconomics organiseert een brede en duurzame welvaart. Niet door symptomen, maar oorzaken aan te pakken. Volgens onze visie is de toekomst is duurzaam, digitaal en decentraal. Het is de tijd voor de constructieve populisten: we verzetten ons tegen de gevestigde orde, maar willen niet terug naar het verleden. We organiseren de toekomst met projecten, startups en transformationeel leiderschap. De tijd van analyseren, concluderen, vergezichten en goede voornemens is voorbij. Het is tijd voor vernieuwing:

–      infrastructuur als nutsvoorziening

–      nieuwe perspectieven en organisatiemodellen

–      fakenews tegengaan en de macht van techbedrijven breken

–      algoritmes transparant maken en onze privacy beter waarborgen

–      betekenis geven en cruciale beroepen en vrijwilligers beter waarderen

–      productiviteit verbeteren zodat we meer tijd overhouden om te participeren

We weten al langer dat onze bestaande sociaaleconomische orde bij ongewijzigd beleid tot grote problemen zal leiden. We moeten de onzekerheidscurve platter, beheersbaarder maken zoals dat heet. Sinds het klimaatakkoord van Parijs, maar zeker sinds de coronacrisis, weten de meeste mensen wat ‘flatten the curve’ betekent. Maar de curve afvlakken geldt niet alleen voor ons klimaat of een pandemie, het geldt voor veel meer elementen van onze gekozen en in stand gehouden sociaaleconomische orde. Voor een brede en duurzame welvaart zullen we ook schulden moeten terugbrengen, ongelijkheid moeten aanpakken, een pandemie beter moeten beheersen, de macht van techbedrijven moeten inperken, het winnen van grondstoffen moeten verminderen door een circulaire economie te ontwikkelen en ten slotte zullen we vooral voortdurende economische groei als ideologie moeten opgeven omdat dit de belangrijkste oorzaak is van een niet duurzame welvaart.

Figuur 1.3: ‘Flatten the curve’ niet alleen voor klimaat

Met deze longreads wil ik nieuwe inzichten delen die ik heb opgedaan met lezingen geven, onderzoek doen, trainen, adviseren en begeleiding van projecten en startups. Nieuwe inzichten over de vraag hoe we data het beste kunnen organiseren als basis voor het organiseren van attentie, vertrouwen en productiviteitsgroei. Er zijn alleen al in Nederland miljoenen lokale IT-systeempjes die allemaal plegen de werkelijkheid bij te houden, maar onderling niet verbonden zijn en dus geen gedeelde en toegankelijke werkelijkheid kennen. We zijn via het internet wel technisch verbonden, maar niet via standaardisatie, consensusmechanismen en slim datatoegangsmanagement. We moeten de zogenaamde vierde industriële revolutie (robotisering, internet of things, artificial intelligence, 3D-printing) in een ander perspectief plaatsen zolang de derde (automatisering) nog niet op orde is.

Er is binnen en tussen kantoororganisaties veel frictie, verspilling en verslaving en daar kunnen we iets aan doen. Het meeste werk wordt nog steeds georganiseerd met ‘het bedrijf’ als default vorm. IT is bij de meeste organisaties nog lokaal en ambachtelijk georganiseerd. Het assembleren van een antwoord op een vraag, het verifiëren van een claim of het produceren van informatie uit data, op de wijze waarop we dat nu doen, kunnen we vergelijken met het assembleren van een auto voor 1890. Soms zijn we zelfs nog jager en verzamelaar als het gaat om informatie. Dat kan en moet anders, maar hoe dan zul je je misschien afvragen?

Bij het tegengaan van verspilling spelen rijke data, datalogistiek, moderne organisatiekunde, datatechnologie en ecosystemen een belangrijke rol. Als we verspilling tegengaan ontstaat surplus. Dit surplus kunnen we besteden aan het produceren en kopen van redundante spullen of het creëren van overbodig werk, we kunnen het ook besteden aan het oplossen van maatschappelijke problemen. Denk aan tekorten in zorg, onderwijs, veiligheid, vrijwilligerswerk, circulaire economie en duurzame landbouw. Met deze longreads wil ik een inkijk geven in hoe we onze informatievoorziening industrieel en schaalbaar, in plaats van ambachtelijk en lokaal, kunnen organiseren met als doel: een betere welvaart, meer welzijn en welbevinden. Hiervoor moeten we vooral onze mindset veranderen.


Lees hier het vorige artikel uit deze reeks
Extract van boek: ‘Duurzame Welvaart Organiseren’
Voor alle longreads en podcasts, zie: Weconomics website

Gepost door Paul Bessems

Laat een opmerking achter.