Tags: , ,

Hoe bevorder je vitaliteit op de werkvloer?

Uit onderzoek blijkt dat we te weinig bewegen in ons land. Kari Littley, expert op het gebied van employee wellbeing bij OneFit, gaat hierover in gesprek met Pieter Coenen. Hij is onderzoeker en bewegingswetenschapper bij het Amsterdam UMC. Een boeiend gesprek over de uitdagingen en oplossingen rondom beweging en vitaliteit op de werkvloer.

Nederlanders bewegen niet genoeg. Vooral jongeren kwamen de afgelopen vier jaar minder in beweging. Dat blijkt uit het onderzoek van het RIVM. Een zorgelijke ontwikkeling. Bewegen is namelijk ontzettend belangrijk: het maakt je lichaam sterk én gezond. Toch blijkt het voor werkend Nederland niet eenvoudig te zijn om aan de slag te gaan met hun fysieke vitaliteit. Uit onderzoek van OneFit* blijkt dat veertig procent van de werkenden geen gebruik maakt van het vitaliteitsaanbod van zijn werkgever.

Kari: “Gelukkig zien we dat vitaliteit een hot topic is op de Nederlandse werkvloer. 69 procent van de werkenden geeft namelijk aan dat er binnen hun bedrijf aandacht is voor vitaliteit. Hoe zie jij de rol van werkgevers bij het bevorderen van een gezonde levensstijl bij hun medewerkers?”

Pieter: “Ik zie het werken aan de vitaliteit van je medewerkers eigenlijk als een vorm van goed werkgeverschap. Het is een investering die niet alleen waardevol is voor het individu, maar ook voor organisaties als geheel. Gezonde medewerkers zijn immers over het algemeen gelukkiger en productiever.”

Kari: “Dat is een mooi uitgangspunt! Wij zien ook dat bedrijven steeds vaker een vitaliteitsbeleid hebben. 67 procent heeft een beleid dat gericht is op de bevordering van de gezondheid en vitaliteit. Hoe kijk jij daar naar?”

Pieter: “Een vitaliteitsbeleid is een goede investering. Het geeft medewerkers namelijk het gevoel dat hun gezondheid ertoe doet. Eigenlijk een blijk van waardering. Als bedrijf geef je daarmee het signaal dat je om de vitaliteit van je medewerkers geeft. Dat is op zichzelf al een reden om zo’n beleid te overwegen. Bovendien ben je daarmee aantrekkelijker voor nieuwe medewerkers. Het is natuurlijk wel goed om je te beseffen dat het hebben van een vitaliteitsprogramma de eerste stap is, maar dat je het niet moet zien als iets wat je van een lijstje af kan vinken. Je zult er ook daadwerkelijk mee aan de slag moeten en stappen moeten zetten.”

Kari: “Hoe kunnen bedrijven dan de beste invulling geven aan zo’n beleid in de dagelijkse praktijk?”

Pieter: “De werkplek is eigenlijk een ideale setting om beweging te stimuleren. We brengen er vaak veel tijd door, vier of vijf dagen per week, acht uur per dag. Dat is een groot deel van onze tijd, en daar ligt dus een grote kans om beweging te motiveren. Toch is het best een grote uitdaging om alle medewerkers in beweging te krijgen. Je ziet vaak dat degenen die al relatief veel bewegen ook gebruikmaken van bijvoorbeeld een sportabonnement. Maar je wilt natuurlijk dat iedereen in beweging komt.”

Kari: “Het is inderdaad soms best een uitdaging om mensen achter hun bureau vandaan te halen. Ook wij zien dat een vierde van de werkenden eigenlijk niet wil dat hun werkgever zich bemoeit met zijn of haar fysieke vitaliteit. Hoe kan je er dan toch voor zorgen dat je deze groep bereikt?”

Pieter: “Het draait eigenlijk allemaal om het aanbieden van een gericht aanbod en dus maatwerk. Voor sommige medewerkers kan het best een grote stap zijn om een sportschool binnen te lopen, maar zij vinden het misschien prettig om elke dag tijdens de lunch te wandelen. Het is dus belangrijk dat je mensen op een laagdrempelige manier kennis laat maken met verschillende manieren van bewegen. Ook tijdens de werkdag.”

Kari: “Bij OneFit zijn we er ook echt van overtuigd dat je met elkaar moet werken aan vitaliteit. En dat blijkt ook uit ons onderzoek. Zo vindt 57 procent van werkend Nederland het leuker om samen te sporten dan alleen. Hoe kijk jij naar de rol van collega’s?”

Pieter: “Groepsdynamiek is een belangrijk aspect. Op de werkvloer kun je je aan elkaar optrekken. Samen bewegen, samen sporten: het zorgt voor een positieve groepsdynamiek en kan mensen motiveren om actiever te zijn. Een gezonde dosis competitie tussen collega’s kan een geweldige stimulans zijn. Je kunt bijvoorbeeld ook aanmoedigen om onder werktijd met een groepje collega’s een beginnersklas te volgen om de drempel voor medewerkers te verlagen.”

Kari: “Dat klinkt heel erg tof! Hoe zorg je ervoor dat elke medewerker zich hierin ook gehoord voelt?”

Pieter: “Daarvoor moet je met elkaar in gesprek gaan om te begrijpen wat medewerkers tegenhoudt om te gaan bewegen. Op deze manier kom je erachter waar iemands behoefte ligt. Luister naar de wensen van je medewerkers en ga samen op zoek naar oplossingen. En kom hier ook regelmatig op terug. Het is namelijk een voortdurend proces: je moet er constant voor zorgen dat activiteiten leuk en boeiend blijven, en het aanbod moet aantrekkelijk en motiverend zijn. En vergeet ook niet dat het uiteindelijk niet alleen gaat om het leveren van maatwerk aan individuen, maar ook om het creëren van een cultuur waarin gezondheid en welzijn centraal staan.”

Kari: “Het is dus ook echt een gezamenlijke inspanning. Maar hoe creëer je zo’n cultuur?”

Pieter: “Het begint met een bottom-up aanpak. Je hebt aanjagers nodig. Mensen op verschillende niveaus in de organisatie die initiatief nemen. Op deze manier groeit aandacht voor beweging veel natuurlijker. Dat betekent natuurlijk niet dat het management geen rol heeft. Zij zijn namelijk degenen die ruimte moeten creëren voor deze bottom-up beweging. Ze moeten het faciliteren, aanmoedigen, maar niet afdwingen. En ze moeten daarin het hele plaatje van gezondheid meenemen, zowel fysiek als mentaal.”

Kari: “Zijn er volgens jou dan nog zaken die bedrijven snel over het hoofd zien als ze aan de slag gaan met vitaliteit?”

Pieter: “Er komen vaak prachtige initiatieven om mensen in beweging te krijgen of gezonder te laten eten, maar er wordt vaak vergeten dat het werk zelf aanpassen ook een belangrijke stap is. Als het werk stressvol is of als we veel zitten gedurende de dag, moeten we kijken hoe we dat vanaf de kern kunnen aanpakken. Sporten is natuurlijk goed, maar als je de kern van het probleem wilt aanpakken, moet je ook naar de werkomgeving kijken.”

Kari: “Uit ons onderzoek blijkt dat dertig procent een kantoor heeft dat uitgerust is met ergonomisch kantoormeubilair. Hoe kunnen werkgevers die werkomgeving nog meer aanpassen?”

Pieter: “Er zijn verschillende manieren. Denk aan zit-stabureaus om langdurig zitten tegen te gaan. Maar maak het bijvoorbeeld ook logischer om de trap te nemen in plaats van de lift. Ook kun je kijken of het mogelijk is om meer variatie in de dagindeling te brengen, door bijvoorbeeld wandelend te vergaderen. Je moet natuurlijk geen wonderen verwachten van deze aanpassingen, maar het kan wel een stap in de goede richting zijn.”

Kari: “Het lijkt erop dat dit een behoorlijke investering in tijd en aandacht vraagt. Wat zou je zeggen tegen degenen die misschien aarzelen vanwege deze investering?”

Pieter: “Het is inderdaad een investering, maar zeker de moeite waard! Als je echt effectief wilt zijn, moet je nou eenmaal maatwerk leveren. Anders bereik je simpelweg niet iedereen. Het vergt tijd en inzet, maar de resultaten op lange termijn zijn van onschatbare waarde.”

*Over het onderzoek
Dit onderzoek is in opdracht van OneFit uitgevoerd door MarktEffect onder 1.515 werkende Nederlanders. Hieronder vallen 504 HR-betrokkenen en 1.011 medewerkers van andere afdelingen. Alle resultaten van het onderzoek zijn te lezen in de OneFit Vitaliteitsgids.
Tags: , ,
Je moet inloggen om een reactie te kunnen plaatsen.
Ook Interessante Artikel
Artikelen

Bezoeker!

Community Leden

Alle Leden >>>

Artikelen & Blogs

WORD LID

Met HRcommunity maken we het werkveld iedere dag een stukje beter en mooier. Meld je gratis aan als lid, maak verbinding, haal én breng kennis, maak je eigen ledenprofiel, connect met andere leden en meer.

PUBLICEER

Heb je een uniek en interessant artikel geschreven en denk je dat deze interessant kan zijn voor de leden van HRcommunity? Stuur deze dan in via het formulier en wij gaan er mee aan de slag.

ADVERTENTIE