Design as if the world was your company

Het blijkt dat er belangrijke overeenkomsten zijn tussen onze biologische ontwikkeling (organisme), de ontwikkeling van woonorganisaties (steden) en werkorganisaties (bedrijven). De reden is simpel: het zijn allemaal systemen van mensen en mensinteracties. Een bedrijf lijkt een verzameling kantoren met afdelingen en werkplekken en een stad lijkt een verzameling wijken, straten en huizen. Maar beiden zijn een fysieke manifestatie, een sociale, economische en culturele uiting van mensen en mensinteracties. Het gaat ook bij bedrijven en steden om mensen en mensinteracties, om de kleinste bouwstenen en hun verbindingen. Ook al lijkt een bedrijf vooral een kantoor te zijn met computers(machines), als we kijken naar de manier waarop het georganiseerd is en zich ontwikkelt, is een bedrijf te vergelijken met een organisme: het wordt geboren, het groeit, het leert, het neemt toe in omvang, het wordt minder flexibel, trager en uiteindelijk gaat het bedrijf ‘dood’ (of wordt overgenomen).


Beluister de bijbehorende podcast


Een mens is een netwerk van cellen en organen, een bedrijf een netwerk van mensen en afdelingen en een stad van bewoners en verbindingen. Ook bij bedrijven en steden draait het dus om mensen en de ontwikkeling van mensen en mensinteracties. Daarom volgen woon- en werkorganisaties vergelijkbare patronen als natuurlijke organismen en netwerken. Alle drie de typen ‘organisaties’ zijn gericht op groei (economy of scale) en het vergroten van de overlevingskansen (flexibiliteit).

Onze gehele evolutie bestaat uit talloze systeem- of regimewisselingen. Een regime is een min of meer stabiele processtructuur, die zolang bestaat, totdat deze structuur een bepaalde mate van instabiliteit heeft gekregen. Oerknal wordt gas, gas wordt vloeibaar, vloeibaar vast, vast eencellig, eencellig meercellig, meercellig gaat met elkaar paren en miljoenen jaren later ontstaat de Homo sapiens. De hele natuur en alles wat daarbinnen gebeurt, dus ook de manier waarop we werk organiseren, bestaat uit kleinste delen en de dynamische samenwerking daartussen.

Van beverburcht tot kasteel, van apenrots tot buurthuis, van mierenhoop tot multinational, van bijenkorf tot Hyves. Alles wat we nu doen is het resultaat van miljarden jaren evolutie waarbij vandaag voortbouwt op gisteren en morgen op vandaag. Alsof het een lange ketting is van blokken, die onlosmakelijk aan elkaar verbonden zijn en teruggaan naar de oerknal. Een soort blockchain zou je kunnen zeggen die teruggaat naar het eerste, het genesisblok. Er is eigenlijk geen scheidslijn te trekken tussen evolutie en innovatie omdat ook innovatie onderdeel is van evolutie. Bomen en mensen, bossen en bedrijven zijn vergelijkbaar georganiseerd. Principes en patronen die de biologische of natuurlijke evolutie sturen, sturen ook de niet-biologische evolutie. Dit betekent ook dat een systeem dat te instabiel is geworden, vervangen zal worden. Zo is het systeem waarmee we werk en welvaart organiseren te instabiel geworden, waardoor het vervangen zal worden.

Evolutie en innovatie bestaan uit actie- en reactieprocessen. Deze actie-reactie processen kunnen in het klein plaatsvinden, bijvoorbeeld binnen een afdeling, maar ook in het groot tussen landen: als de VS en China een handelsconflict hebben merken wij dat ook. Deze actie- reactieprocessen zijn het wezen van evolutie: als er iets is dat gekopieerd (of geïmiteerd) wordt met variatie en dat ‘iets’ wordt geselecteerd en het geselecteerde wordt overgedragen dan moet er een (nieuw) ontwerp vanuit het niets opduiken. Als er voortplanting, variatie en selectie is, dan moet er evolutie plaatsvinden. Darwin was zich nog niet bewust van dit ‘algoritme’. Later zijn Darwin’s inzichten verwerkt in de universele evolutietheorie. Universeel Darwinisme is, volgens Daniel Dennett in zijn boek ‘Darwin’s Dangerous Idea’ (1995):

“A scheme for creating Design out of Chaos without the aid of Mind”.

Evolutie is innovatie zonder vooropgesteld plan. Het gebeurt zonder dieper doel en je kunt het niet uitzetten. Biologische evolutie bestaat zonder bewustzijn of ontwerp. Bij niet-biologische evolutie, bij innovatie, bij sociaal-culturele en technische ontwikkelingen speelt ons (collectief) bewustzijn, ons denkvermogen en helaas in mindere mate onze wijsheid wel een rol.

We lossen problemen op, maar creëren met de oplossing ook nieuwe problemen. Een welvaartsmachine ontwikkelen die elke dertig jaar onze welvaart verdubbelt is mooi. Maar hoe zet je deze machine uit als dat niet meer kan? We creëren met innovatie niet alleen problemen voor onszelf, maar ook en vooral voor onze leefomgeving en toekomstige generaties. Een verbrandingsmotor is mooi, maar creëert ook problemen voor onze natuurlijke habitat waar we afhankelijk van zijn. Lineair denken, dogma’s, ons bewustzijn en beperkt gebruik van ons denkvermogen dreigen ‘roet in het eten’ te gooien van een evolutie die al miljarden jaren bezig is. We moeten ons ervan bewust zijn, hierover nadenken en onze sterke eigenschappen in de strijd gooien: verbeeldingskracht, op grote schaal kunnen samenwerken en technologie. Hierbij is wijsheid belangrijker dan big data, blockchain, ‘artificial intelligence’ of het ‘internet of things’. We worden overladen met data, informatie en kennis, maar zijn niet in staat wijs te zijn. Edward de Bono hierover:

“The biggest problem of the world is not climate change or overpopulation, the biggest problem is poor thinking”

Een belangrijk verschil tussen de natuur en de mens is de ontwikkeling van een tweede en derde replicator door de mens. Een replicator is een entiteit, zoals DNA, die in staat is kopieën van zichzelf te creëren. Maar hiervoor heeft deze entiteit een gastheer nodig, in dit geval de mens. De mens kent drie verschillende ontwikkelingen, evoluties zou je kunnen zeggen, die niet alle drie even snel gaan: een biologische, een sociaal-culturele en een technische ontwikkeling. Deze drie ontwikkelingen zijn afhankelijk van elkaar en alle drie hebben ze dezelfde ‘gastheer’ om zich voort te planten: de mens.

Naast de genen hebben wij mensen te maken met memen (sociaal-culturele ontwikkeling) en temen (technische ontwikkeling). Onze genetische ontwikkeling gaat veel minder snel dan onze sociaal-culturele ontwikkeling, die op haar beurt weer veel minder snel gaat dan de technische ontwikkeling. Wanneer je dus niet redeneert vanuit de mens, maar vanuit de genen, memen en temen die de mens als gastheer gebruiken, gaat evolutie en innovatie een heel andere betekenis krijgen. Wanneer we de toekomst willen ‘organiseren’, is het belangrijk principes en patronen uit de natuur te volgen en kritisch te zijn over onze innovaties: onze sociaal-culturele en technische ontwikkelingen.

De natuur ‘zegt’ en geeft ons alles wat we nodig hebben. Niet alleen energie en grondstoffen, maar ook antwoorden op vragen hoe onze toekomst eruit zal zien. Management, hiërarchieën, netwerkorganisaties zijn bedenksels van de mens, maar zijn in wezen en in de kern het resultaat van een natuurlijke evolutie, van: variatie, selectie en overerving. We kunnen beter uitgaan van natuurlijke en menselijke ontwikkelingen steeds kritisch beschouwen. We moeten ons niet alleen aanpassen aan veranderende omstandigheden, maar voor een duurzame welvaart is het ook belangrijk na te denken over de consequenties van onze innovaties. Doen we dat niet, dan zal het ‘experiment’ van de Homo sapiens niet meer geselecteerd worden en uitsterven terwijl de natuur verder gaat.


Lees hier het vorige artikel uit deze reeks
Extract van boek: ‘Duurzame Welvaart Organiseren’
Voor alle longreads en podcasts, zie: Weconomics website

Gepost door Paul Bessems

1 opmerking

  1. […] Lees hier het vorige artikel uit deze reeksExtract van boek: ‘Duurzame Welvaart Organiseren’Voor alle longreads en podcasts, zie: Weconomics website […]