Ontslag op staande voet is een middel om een werknemer direct te kunnen ontslaan bij gebeurtenissen die zo ernstig en zo dringend zijn dat een reguliere ontslagprocedure niet kan worden afgewacht. Een ontslag op staande voet heeft voor de werknemer zeer ingrijpende (financiële) gevolgen en daarom zijn er strenge voorwaarden verbonden aan een ontslag op staande voet.
Voorwaarden
Bij de toets of een ontslag op staande voet terecht is gegeven, wordt gekeken naar de volgende drie voorwaarden:
- Er moet sprake zijn van een dringende reden die het ontslag rechtvaardigt;
- Het ontslag op staande voet moet onverwijld (zonder uitstel) worden gegeven;
- Het ontslag op staande voet en de redenen voor het ontslag dienen onverwijld aan de werknemer te worden medegedeeld.
Dringende reden
Dringende redenen zijn volgens de wet ‘zodanige daden, eigenschappen of gedragingen van de werknemer die ten gevolge hebben dat van de werkgever redelijkerwijs niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren’. Hierbij kan worden gedacht aan zaken zoals diefstal, mishandeling of een ernstige veronachtzaming van de plichten als werknemer.
Of sprake is van een dringende reden moet worden beoordeeld aan de hand van alle omstandigheden van het geval. Enkele relevante omstandigheden zijn de aard en de ernst van de gedraging, de aard en de duur van de dienstbetrekking en de persoonlijke omstandigheden van de werknemer.
Bewijslast werkgever
De bewijslast voor het ontslag op staande voet ligt bij de werkgever. Dit betekent dat de werkgever voldoende bewijsmiddelen moet verzamelen om het ontslag op staande voet te rechtvaardigen. In dit kader doet de werkgever er vaak goed aan de werknemer voor het ontslag op staande voet in de gelegenheid te stellen om zijn of haar kant van het verhaal te vertellen.
Vernietiging van het ontslag
Een werknemer die op staande voet is ontslagen kan de kantonrechter verzoeken het ontslag te vernietigen. Het is ook mogelijk dat de werknemer geen heil ziet in voortzetting van de arbeidsrelatie en berust in de beëindiging van het dienstverband. In plaats van een verzoek tot vernietiging van het ontslag kan de werknemer een gefixeerde schadevergoeding, transitievergoeding en billijke vergoeding verzoeken wanneer komt vast te staan dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig is gegeven. De (financiële) gevolgen voor de werkgever kunnen dan groot zijn.
Afsluitend
Gezien het voorgaande dient slechts in het uiterste geval over te worden gegaan tot een ontslag op staande voet. In voorkomende situaties zal een beëindigingsovereenkomst met wederzijds goedvinden of een reguliere ontslagprocedure een betere oplossing zijn.
De inhoud van dit artikel is actueel op de datum van publicatie (10 oktober 2025). Het arbeidsrecht en relevante jurisprudentie zijn voortdurend in beweging, waardoor ontwikkelingen na deze datum niet in dit artikel zijn verwerkt. Verder is dit artikel met zorg en aandacht opgesteld en bevat het informatie van algemene, informatieve aard. Afhankelijk van de omstandigheden van een specifiek geval kan de informatie geheel of gedeeltelijk niet van toepassing zijn. De inhoud van dit artikel dient dan ook niet te worden beschouwd als juridisch advies. BDO aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor de gevolgen van het gebruik van de informatie in dit artikel.
Celyne Schuurman11 berichten
http://www.bdo.nlCelyne Schuurman is jurist arbeidsrecht bij BDO en adviseert organisaties over ontslag, ziekte en arbeidsvoorwaarden. Zij vertaalt wetgeving naar praktische HR-oplossingen en publiceert hierover.