HR en de herpositionering van de vertrouwenspersoon
HR speelt een onmisbare rol in het succes van de vertrouwenspersoon door zichtbaarheid, daadkracht en onafhankelijkheid te combineren met proactieve preventie.
Lees verderPestgedrag op de werkvloer blijft vaak onzichtbaar, maar leidt tot grote schade voor medewerkers en organisaties. Dit artikel belicht de invloed van generatieverschillen en geeft praktische tips om sociale veiligheid te waarborgen.
Pesten op de werkvloer is een serieus probleem dat vaak lang onzichtbaar blijft, maar grote schade aanricht. Hoewel pesten vaak wordt geassocieerd met de schooltijd, komt het ook binnen organisaties verrassend vaak voor. De gevolgen zijn ingrijpend, niet alleen voor degene die wordt gepest, maar ook voor het team en de organisatie als geheel.
We werken tegenwoordig met vier, soms wel vijf verschillende generaties samen die ieder op eigen wijze werken en communiceren. Nu er steeds meer aandacht komt voor inclusie, mentale gezondheid en duurzame inzetbaarheid, is het essentieel om sociale veiligheid actief mee te nemen in hoe we samenwerken — en vooral hoe we elkaar begrijpen én respecteren.
Pestgedrag op het werk is meer dan een eenmalig conflict of onenigheid. Het gaat om herhaaldelijk en structureel negatief gedrag gericht tegen één of meerdere collega’s, zoals:
Zeker bij subtiele vormen van pesten – zogenaamde ‘microagressies’ – is het lastig te signaleren én te benoemen, wat het extra belastend maakt voor degene die wordt gepest. Zeker als de rest het niet lijkt te zien, weet je niet wat de norm is en voel je je op zijn minst alleen en in de kou staan.
In mijn boek Gezonde generatiemix wijs ik op het belang van wederzijds begrip tussen generaties op de werkvloer. Verschillen in waarden, werkstijlen en communicatie tussen generaties kunnen leiden tot spanningen en misverstanden. Zonder bewuste aandacht hiervoor kan pestgedrag ontstaan als een ongewenst coping-mechanisme — een uiting van onderling onbegrip, botsende communicatieculturen en soms ook onmacht van de ‘dader’ om op een constructieve manier om te gaan met eigen onzekerheden.
Een opvallend punt om rekening mee te houden, is de kwetsbaarheid van Generatie Z (geboren na 1995), vooral degenen die in de coronapandemie hun studie volgden of aan hun carrière begonnen.
Door langdurige online onderwijsperiodes, een gebrek aan stageplekken en beperkte netwerkmogelijkheden hebben veel jonge professionals minder kans gehad om zich sociaal en professioneel te ontwikkelen in een fysieke werkomgeving. Tegelijkertijd groeide deze generatie vaak op met ouders die sterk betrokken waren bij hun welzijn — de zogenoemde curlingouders, die obstakels wegpoetsen zodat hun kinderen nergens over struikelen.
Hoewel dat een positieve basis biedt voor zelfvertrouwen, kan de overgang naar een meer hiërarchisch georganiseerde werkcultuur — met impliciete regels en oudere generaties die anders communiceren — daardoor juist extra groot zijn.
We onderschatten vaak hoeveel verborgen hiërarchie er nog aanwezig is in organisaties: niet alleen in functietitels of besluitstructuren, maar juist in informele netwerken, spreekstijlen, zichtbaarheid in vergaderingen en wie gehoord wordt. Wanneer deze cultuur botst met het referentiekader van jongere medewerkers, kan dat leiden tot onzekerheid, miscommunicatie en — in het ergste geval — pestgedrag en uitval van de jongere.
De gevolgen van pesten zijn niet te onderschatten. Degene die wordt gepest ervaart vaak:
Voor organisaties betekent dit naast oprecht menselijk leed ook lagere productiviteit, hogere verzuimkosten en reputatieschade. Vooral in een tijd van personeelsschaarste en groeiende mentale druk is dit een risico dat bedrijven zich niet kunnen veroorloven. Juist ook die schaarste of de sterke digitale verandering kan zittende collega’s veranderen in beschermers van hun positie en kennis vanuit onzekerheid en onvermogen. Dan is de normaal gezellige collega plots veranderd in een ‘gekooide beer’, die pestgedrag gebruikt als verdedigingsmechanisme en machtsmiddel. Nooit goed te praten, maar vaak is er van alles niet gezien of niet serieus genomen waardoor dit onder je ogen is ontstaan.
Leidinggevenden spelen een sleutelrol in het voorkomen en aanpakken van pestgedrag. Niet alleen in het stellen van duidelijke normen, maar vooral in het dagelijks aanvoelen wat er écht speelt in het team. Dat vraagt om alertheid op subtiele signalen van uitsluiting, ongemak of ongelijkheid — en om durf om daar in het hier en nu op te handelen.
Wanneer kleine ongemakken niet benoemd worden, groeien ze snel uit tot spanningen of schadelijke dynamieken. Een leidinggevende die vroegtijdig navraagt of herstelt en zelfs corrigeert, voorkomt escalatie. Eenmaal oogluikend toegestaan gedrag maakt je ‘deel’ van de veranderende en verzurende cultuur. Daarbij hoort ook het actief bewaken van evenwicht: zorgen dat niet steeds dezelfde mensen aan het woord zijn, dat nieuwe collega’s echt landen in de groep, zij zichzelf mogen zijn en dat verschillende communicatievormen evenveel ruimte krijgen. Leidinggevenden moeten niet alleen beleid uitvoeren, maar vooral veiligheid belichamen en nieuw beleid maken.
Voor degene die wordt gepest is het belangrijk dat je beseft dat het niet normaal is en je het vooral niet normaal hoeft te vinden. Je hoeft je niet gepest en daardoor ongelukkig te voelen. Als het je niet lukt om het zelf te keren:
Pestgedrag op het werk is geen individueel probleem, maar vaak een symptoom van gebrekkige communicatie, (generatie)conflicten en onderliggende onzekerheden. Zeker in teams waarin verschillende generaties samenwerken, is aandacht voor onderling begrip cruciaal. Inzicht in elkaars achtergrond en behoeften kan helpen om negatieve dynamieken te doorbreken voordat ze uitgroeien tot structureel pestgedrag. Eenmaal pestgedrag in je teams en sociale onveiligheid vraagt een lange weg om weer tot een voldoende mate van veiligheid te komen. Alleen afscheid nemen van de pester is niet genoeg; mensen hebben ervan weggekeken, degene die gepest werden zijn er lang extreem gevoelig voor en dat blijft een tijd in de cultuur van het team. Soms ontstaat het weer, terwijl je dacht dat het weg was; de patronen en gedragingen moeten veranderen, dat vraagt tijd en aandacht.
Door het gesprek aan te gaan en actief in te zetten op inclusieve samenwerking, kunnen organisaties een werkomgeving creëren waarin iedere medewerker zich gezien, gehoord en veilig voelt — ongeacht leeftijd, ervaring of achtergrond. Dat is de beste voedingsbodem en het beste beveiligingsmechanisme: dat de mensen zelf kunnen aangeven dat bepaald gedrag niet kan en past, en leren het te corrigeren. Als leidinggevende kun je hen helpen dit te leren doen. Er zijn mooie spelvormen, onder meer de praatkaarten van Joriene Beks en Hans van der Loo, die je kunnen helpen om hier als organisatie, team en individu weerbaarder in te worden.
Bronvermelding:
Oostenbrink, M. (2024). Gezonde generatiemix – Wat er voor nodig is om alle generaties te laten samenwerken. Uitgever: Verhaal met Impact 2025
Joriene Beks en Hans van der Loo, Psychologische veiligheid. Uitgever Boom, 2020
WORD LID
Met HRcommunity maken we het werkveld iedere dag een stukje beter en mooier. Meld je gratis aan als lid, maak verbinding, haal én breng kennis, maak je eigen ledenprofiel, connect met andere leden en meer.
PUBLICEER
Heb je een uniek en interessant artikel geschreven en denk je dat deze interessant kan zijn voor de leden van HRcommunity? Stuur deze dan in via het formulier en wij gaan er mee aan de slag.